sardana

Laden & lossen

Laden & lossen

De Sardana beschikt over een geavanceerd, computergestuurd laad-/lossysteem. De installatie bestaat uit 27 cilindervormige, rechtop in het schip staande, druktanks. 26 Tanks dienen voor het vervoer van producten. Eén tank wordt gebruikt als luchtfiltertank. Deze is voorzien van 150 stoffilters. De tanks zijn onderling verbonden door ontluchtingsleidingen. Het schip heeft een laad- en losleiding en een -door twee Sullair-compressoren gevoede- luchtleiding. De boven- en onderzijde van de tanks zijn bolvormig. Dit maakt het mogelijk om druk in de tanks op te bouwen. Het gehele laad-/losproces gebeurt geheel stofvrij.

De computer in het stuurhuis registreert middels niveaumeters in de tanks, hoever de tanks gevuld zijn. Ook registreert de computer het totaalgewicht van de lading en of de lading evenredig is verdeeld over het schip. Daarvoor zijn, bij de ijkmerken, aan een beladingsmeter gekoppelde sensoren ingebouwd.

De schipper maakt voor en na het laden of lossen een digitale (uit te printen) ijkopname. Het cognossement is vervolgens eenvoudig te maken.

Laden

Laden

Lossen

Lossen

Het schip wordt gelost door de poederstof in de tanks onder druk te brengen. De lucht verdeelt zich over de gehele bodem van de tanks en maakt de poederstof transporteerbaar.

De tanks hebben onderin een dubbele bodem, die als een trechter is gemonteerd. De dubbele bodem bestaat uit een geperforeerde plaat, bedekt met nylon doek dat met metalen strippen is vastgeschroefd. Het laat slechts de lucht vanuit de compressoren door; niet de poederstof.

De dubbele bodem is in drie compartimenten verdeeld met elk een luchtleiding.
De lucht die via de leidingen onder het nylon doek wordt geblazen, zorgt er tijdens het lossen voor dat het poederstof naar het midden van de tank wordt gestuwd. Als de tank op de juiste druk is, opent de losklep zich. Het poederstofluchtmengsel loopt nu vanzelf via de losleiding en -slang naar de leiding/silo van de klant.
Als de tank leeg raakt, zakt de druk, doordat er geen product meer voor de losleiding is. Om de tanks helemaal leeg te krijgen, gaan de compartimenten / luchtleidingen met afsluiters beurtelings open en dicht. Hierdoor ontstaan luchtstoten onder het doek. Deze stuwt zo de laatste poederstofresten naar de losleiding. Als de tank leeg is, schakelt het computerprogramma over naar een volgende tank.

Door het computergestuurde lossysteem verloopt het losproces soepeler en vlugger dan voorheen. Bovendien draait de compressormotor met gemiddeld 30% minder vermogen. Mede doordat de compressoren aangedreven worden door een elektronische motor, is het brandstofverbruik en de uitstoot met circa 50% gereduceerd. Als het losproces klaar is, zijn de tanks helemaal schoon geblazen. Dat maakt direct herladen met een andere poederstof mogelijk.

Het schip is compleet dubbel uitgerust en kan met twee slangen tegelijk onafhankelijk lossen. De installatie van de klant moet daarop berekend zijn. Er moeten twee 6” leidingen of een 8”,10”, of 12” leiding liggen. Er zijn hiervoor verloopstukken aanwezig, zodat er met twee slangen tegelijk kan worden gelost.
Het lossen verloopt hierdoor in de meeste gevallen twee maal zo snel.

Invloeden op de lossnelheid

Factoren, die van belang zijn om zo min mogelijk tegendruk en daardoor een zo hoog mogelijke lossnelheid te realiseren zijn:

  • korte leidingen;
  • zo min mogelijk bochten in het systeem;
  • een goed filtersysteem op de silo van de klant;
  • goede regulering van de losdruk en transportlucht aan boord van het schip.